Pastorie in oorlogstijd

(on mobile, English below)

Pastorie in oorlogstijd

NL In de pastorie naast de doopsgezinde kerk woonden in 1944 elf mensen. Ds. Abraham Mulder met zijn vrouw Johanna en dochter Tine, zes joodse onderduikers en nog een echtpaar. (Bijna) niemand wist van deze verborgen geschiedenis. Het is een huis met verhalen die voor een deel zijn vastgelegd door dominee Lies van der Zee (in deze kerk van 1977 tot 1979) en ooggetuige Henny Schreur die als meid in de pastorie werkte tijdens de oorlogsjaren. De verstopplekken tussen de vloer op de eerste verdieping en de kasten bij de schuifdeuren zijn lang in het huis zichtbaar gebleven. Wat een onrust, angst en onzekerheid moet dat toch gegeven hebben om te horen dat er een razzia op komst zou zijn. Melkproducten kregen zij van het hoofd van de ondergrondse, veehouder Willem Mulder die recht tegenover de pastorie woonde.

Ds. Abraham Mulder en zijn vrouw was al voor de oorlog betrokken bij hulpwerk aan Joodse vluchtelingen. In oktober 1941 werd hij in Giethoorn beroepen, hij zou er tot 1946 blijven. Hij was een man van grote maatschappelijke betrokkenheid met zorgen om de werkloosheid en de toenemende bewapening. Hij had een scherp oog voor de strijdigheid van het evangelie met het nationaalsocialisme. Hij benadrukte het belang van recht en gerechtigheid. Ons leven na de Bevrijding moet dan ook niet staan in het teken van vergelding en wraakzucht, maar in dat van de liefde. In 1 Korinthe 13 staat over de liefde dat zij alles bedekt. Dit klinkt in onze oren niet helemaal goed. Bedoeld wordt dat liefde een beschutting aanbrengt. Liefde is … zo leven dat er luwte is, van die plekken waar een mensenkind even of langer kan schuilen en veilig zijn. Er zijn momenten dat je zelf die ruimte kunt bieden. En je kunt er zelfs je leven aan te danken hebben.

Lees hier het artikel uit de regionale krant De Kop over de onthulling van de plaquette 

Vicarage in times of war

ENG In 1944 eleven people lived in the vicarage, next to the Mennonite church. The Reverend Abraham Mulder, his wife Johanna and their daughter Tine, six refugees and a married couple. (Almost) nobody knew about this hidden history. It’s a house with stories, partly written down by the Reverend Lies van der Zee (of this church from 1977 to 1979), and eyewitness Henny Schreur, who worked as a maid in the vicarage in wartime.

The hiding places between the second floor and the closets by the sliding doors have been visible in the house for a long time. Such restlessness, fear and uncertainty this must have given whenever a razzia was announced.  Farmer Willem Mulder, head of the resistance, supplied the people in the vicarage with dairy products. He lived opposite of the vicarage.

The reverend Abraham Mulder and his wife had been involved in aid work to Jewish refugees before the war. He was called to Giethoorn in 1940 and he would stay there till 1946. He was a man of great social commitment. He worried about the unemployment and the increasing armament. He had a sharp eye for the inconsistency of religion with the National Socialism. He underlined the importance of law and justice. Therefore, our lives, after the liberation, should not be about retribution and vengeance, but about love. 1 Corinth 13 it is stated that love covers everything. This doesn’t sound quite right. It means that love protects. Love is … living like there is shelter. A place where a child can hide and feel safe. There are moments that you yourself can offer that shelter. Also you can owe your life to that shelter.

Read the article from the regional newspaper De Kop about the unveiling of the plaque here