Kleed van afweer

Stel: je bent 15 en met je ouders op vakantie. Zij snappen niks van jou. Ze zijn ongelofelijk oud, saai en traag. Jij daarentegen hebt grootse plannen met je leven. Je zult bergen verzetten, ooit. Een indrukwekkend leven ligt in het verschiet. Alles kan nog, alle opties liggen open. Maar nu ben je vooral druk met het in alles oneens zijn met die mensen die zich je ouders noemen. Dat kost nu nog even veel energie, maar later! Dan zullen ze eens zien wie jij eigenlijk bent.
Zo stonden we op een camping in Zuid-Engeland. Natuurlijk ging ik niet mee wandelen. Die oude abdij? Hou op zeg. De rommelmarkt in het stadje? Ik blijf wel op de camping. Wat een vermoeiende bezigheid was het toch, een jongen van 15 zijn.
Wat er in me omging weet ik niet meer, maar ik zei ja toen mijn moeder vroeg of ik mee ging naar de evensong in Salisbury Cathedral. Met zijn tweeën. Misschien voelde ik me veilig omdat toch niemand wist wie ik was en dat ik uit haar geboren was.
Maar ik weet dat dat het niet was. Ik wilde gewoon heel graag en durfde dat op dit ene moment in de vakantie toe te laten.

We zaten in de koorbanken en tegenover ons begonnen de jongens in het koor te zingen. Het gewelf boven ons reikte tot aan de hemel, zo leek het. Ik moest slikken en koste wat kost mijn tranen proberen binnen te houden, maar er was geen houden aan. Zeven eeuwen verdriet, hoop, blijdschap en verlangen naar vrede kwamen in ingedikte vorm uit de monden van deze jongens. Deze heilige ruimte had me bij de kladden.
Welke woorden er gesproken worden weet ik niet meer. Maar op het moment dat we volgens de Anglicaanse liturgie moesten knielen, ging de jongen die het allemaal zo goed wist, maar in feite alleen maar vastgehouden wilde worden, door de knieën. Alsof ik een enorm kleed van schaamte, trots en afweer aflegde. Of misschien voelde het meer alsof dat van me afgenomen werd – ik deed zelf niets, behalve bereid zijn. Ik had alleen een zetje nodig.
Soms heb ik heimwee naar die heilige ruimte. Het is bijna 40 jaar geleden, maar heeft me nooit losgelaten. En daarom kom ik zo graag in de kerk. Het helpt om in een andere ruimte te zijn dan de keuken, de schuur of de supermarkt. Een aparte ruimte, die uitnodigt om stil te worden en te voelen dat je in een lange rij van mensen staat die lang voor ons al gezocht en verlangd hebben naar een aanraking. Doe maar mee. Laat je kleed vallen. Geef je over.